cactus

Spaanse-taal.net

HomeHome

Over de Spaanse taal

Verder naarfuturo

Het vervoegen van de "condicional perfecto"

Het regelmatige werkwoord hablar

Yo habría hablado Ik zou gesproken hebben
Tú habrías hablado Jij zou gesproken hebben
Él/Ella/Usted habría hablado Hij/zij/u zou gesproken hebben
Nosotros/Nosotras habríamos hablado Wij zouden gesproken hebben
Vosotros habríais hablado Jullie zouden gesproken hebben
Ellos/Ellas/Ustedes habrían hablado Zij zouden gesproken hebben, u (meervoud) zou gesproken hebben

Het regelmatige werkwoord comer

Yo habría comido Ik zou gegeten hebben
Tú habrías comido Jij zou gegeten hebben
Él/Ella/Usted habría comido Hij/zij/u zou gegeten hebben
Nosotros/Nosotras habríamos comido Wij zouden gegeten hebben
Vosotros habríais comido Jullie zouden gegeten hebben
Ellos/Ellas/Ustedes habrían comido Zij zouden gegeten hebben, u (meervoud) zou gegeten hebben

Het regelmatige werkwoord vivir

Yo habría vivido Ik zou geleefd hebben
Tú habrías vivido Jij zou geleefd hebben
Él/Ella/Usted habría vivido Hij/zij/u zou geleefd hebben
Nosotros/Nosotras habríamos vivido Wij zouden geleefd hebben
Vosotros habríais vivido Jullie zouden geleefd hebben
Ellos/Ellas/Ustedes habrían vivido Zij zouden geleefd hebben, u (meervoud) geleefd hebben

Door naar futuro