cactus

Spaanse-taal.net

Home

Over de Spaanse taal

Terug naar grammatica

Het vervoegen van het onregelmatige werkwoord 'pensar' (indicativo)

Presente

  • Yo pienso
  • Tú piensas
  • Él/Ella/Usted piensa
  • Nosotros/Nosotras pensamos
  • Vosotros pensáis
  • Ellos/Ellas/Ustedes piensan
  • Ik denk
  • Jij denkt
  • Hij/zij denkt
  • Wij denken
  • Jullie denken
  • Zij denken, u (meervoud) denkt

Pretérito Imperfecto

  • Yo pensaba
  • Tú pensabas
  • Él/Ella/Usted pensaba
  • Nosotros/Nosotras pensábamos
  • Vosotros pensabais
  • Ellos/Ellas/Ustedes pensaban
  • Ik dacht
  • Jij dacht
  • Hij/zij/u dacht
  • Wij dachten
  • Jullie dachten
  • Zij dachten, u (meervoud) dacht

Pretérito Indefinido

  • Yo pensé
  • Tú pensaste
  • Él/Ella/Usted pensó
  • Nosotros/Nosotras pensamos
  • Vosotros pensasteis
  • Ellos/Ellas/Ustedes pensaron
  • Ik heb gedacht
  • Jij hebt gedacht
  • Hij/zij/u heeft/hebt gedacht
  • Wij hebben gedacht
  • Jullie hebben gedacht
  • Zij hebben gedacht, u (meervoud) heeft gedacht